Wat is een gegeneraliseerde angststoornis?

Gegeneraliseerde angststoornis

Iedereen piekert of maakt zich weleens zorgen. Meestal nemen die spanningen weer af zodra een situatie verandert of duidelijk wordt dat het meevalt. Bij een gegeneraliseerde angststoornis gebeurt dat niet. De onrust blijft aanwezig, vaak zonder directe aanleiding, en kan het dagelijks functioneren steeds meer beïnvloeden.

Een gegeneraliseerde angststoornis, ook wel GAS genoemd, is een angststoornis waarbij iemand langdurig en overmatig piekert over uiteenlopende onderwerpen. Het gaat niet om één specifieke angst, maar om een voortdurende staat van bezorgdheid waarin hij of zij verkeert die moeilijk onder controle te krijgen is.

Mensen met een gegeneraliseerde angststoornis maken zich bijvoorbeeld zorgen over gezondheid, werk, relaties, financiën of de veiligheid van dierbaren. Vaak verschuift de angst van het ene onderwerp naar het andere. Zelfs wanneer er objectief weinig reden tot zorg is, blijft het gevoel bestaan dat er iets mis kan gaan.

Meer dan ‘veel piekeren’

Een gegeneraliseerde angststoornis wordt nogal eens onderschat, juist omdat piekeren voor veel mensen herkenbaar is. Toch gaat GAS verder dan gewone spanning of stress. De angst is chronisch aanwezig en veroorzaakt zowel psychische als lichamelijke klachten.

Veel cliënten beschrijven een voortdurende innerlijke alertheid. Alsof het zenuwstelsel continu ‘aan’ staat. Ontspannen lukt nauwelijks en het lichaam blijft signalen van spanning afgeven.

Veelvoorkomende klachten bij een gegeneraliseerde angststoornis zijn:

  • aanhoudend piekeren;
  • rusteloosheid;
  • gespannen spieren;
  • vermoeidheid;
  • concentratieproblemen;
  • slaapproblemen;
  • prikkelbaarheid;
  • lichamelijke onrust, zoals hartkloppingen of druk op de borst.

Juist die lichamelijke symptomen zorgen er regelmatig voor dat mensen eerst bij de huisarts terechtkomen met vermoedens van bijvoorbeeld hartproblemen, burn-outklachten of chronische stress.

Hoe ontstaat een gegeneraliseerde angststoornis?

Er is meestal niet één duidelijke oorzaak aan te wijzen. Uit onderzoek blijkt dat een gegeneraliseerde angststoornis ontstaat door een combinatie van biologische, psychologische en sociale factoren.

Er kan sprake zijn van aanleg voor angstgevoeligheid of verhoogde stressreacties in het zenuwstelsel. Daarnaast spelen ervaringen uit het verleden vaak een rol, zoals langdurige stress, onveiligheid, trauma of een omgeving waarin controle en waakzaamheid belangrijk waren.

Bij sommige mensen ontwikkelt de angststoornis geleidelijk. De voortdurende spanning wordt dan langzaam een nieuwe ‘normale’ toestand. Anderen merken juist dat de klachten ontstaan na een ingrijpende gebeurtenis of periode van overbelasting. Wat vaak opvalt, is dat mensen met een gegeneraliseerde angststoornis sterk gericht raken op het voorkomen van risico’s. Het piekeren voelt daardoor niet zinloos, maar juist noodzakelijk. Alsof voortdurende controle helpt om problemen vóór te blijven.

Comorbiditeit komt veel voor

In de praktijk komt een gegeneraliseerde angststoornis zelden volledig op zichzelf voor. Veel cliënten hebben daarnaast ook last van depressieve klachten, of hebben een trauma, burn-outproblematiek, slaapproblemen of verslavingsgedrag.

Dat maakt diagnostiek soms complex. Achter langdurige spanning of uitputting blijkt geregeld een onderliggende angststoornis te zitten die jarenlang niet als zodanig is herkend.

Juist daarom wordt binnen specialistische ggz steeds vaker gekeken naar het totale klachtenpatroon in plaats van alleen naar afzonderlijke symptomen. Wanneer meerdere psychische problemen tegelijk spelen, is een integrale behandeling vaak belangrijk voor duurzaam herstel.

Bij U-center wordt gewerkt vanuit die bredere visie op psychische klachten en comorbiditeit. Daarbij ligt de focus niet uitsluitend op de angstklachten zelf, maar ook op onderliggende patronen, stressregulatie en andere psychische problematiek die met elkaar samenhangt.

Hoe wordt een gegeneraliseerde angststoornis behandeld?

Een gegeneraliseerde angststoornis is goed behandelbaar, al vraagt herstel vaak tijd. Behandeling richt zich meestal op het verminderen van angstreacties, het doorbreken van piekerpatronen en het herstellen van het gevoel van veiligheid in lichaam en geest.

Cognitieve gedragstherapie is een van de meest onderzochte behandelvormen bij GAS. Daarbij leert iemand anders omgaan met angstgedachten en controlemechanismen. Ook ontspanningstechnieken, mindfulness en lichaamsgerichte therapie kunnen helpen om het zenuwstelsel tot rust te brengen. De holistische inzet van U-center is uitermate geschikt voor deze problematiek.

Wanneer er sprake is van trauma of meerdere psychische klachten tegelijk, is een bredere aanpak nodig. In sommige situaties kan een intensiever behandeltraject of tijdelijke opname helpend zijn, bijvoorbeeld wanneer iemand volledig vastloopt in het dagelijks functioneren.

Waarom herkenning belangrijk is

Veel mensen met een gegeneraliseerde angststoornis functioneren naar buiten toe lange tijd relatief goed. Ze werken, zorgen voor anderen en blijven verantwoordelijkheden dragen, terwijl ze innerlijk voortdurend spanning ervaren.

Daardoor duurt het gemiddeld vaak jaren voordat passende hulp wordt gezocht. Niet zelden worden klachten eerst gezien als perfectionisme, stressbestendigheid of ‘iemand die nu eenmaal veel nadenkt’.

Langdurige angst heeft grote impact op kwaliteit van leven, relaties en lichamelijke gezondheid. Vroege herkenning van een gegeneraliseerde angststoornis kan daarom veel verschil maken, zowel voor cliënten zelf als voor verwijzers en behandelaren die proberen te begrijpen waar die voortdurende onrust vandaan komt.

Externe bronnen en meer informatie

Wie meer wil lezen over een gegeneraliseerde angststoornis of angstklachten, kan terecht bij onderstaande organisaties en kennisplatforms:

 

Misschien vind je ook leuk...